Het Kabinet kiest er voor grote topinstellingen in de culturele sector te sparen bij de grootscheepse bezuinigingen van 200 miljoen op kunst en cultuur. Dit staat in de hooflijnenbrief ‘Meer dan kwaliteit’, die vandaag is aangenomen in de Ministerraad. De grootste bezuinigingen vallen bij de podiumkunsten (van 236 miljoen naar 156 miljoen) en in de beeldende kunst (van 53,5 miljoen naar 31 miljoen), de musea worden relatief ontzien. Het aantal functies in de zogenaamde basisinfrastructuur wordt hiermee gehalveerd tot 90 instellingen. Het advies van de Raad voor Cultuur om de bezuinigingen gefaseerd door te voeren legt de staatssecretaris naast zich neer. Hij wil alle bezuinigingen per 2013 doorvoeren, de Raad voor Cultuur heeft al laten weten deze snelle invoering te betreuren. Op 27 juni bespreekt de staatssecretaris de plannen met de Tweede Kamer.
De belangrijkst punten uit het advies:
- Het aantal stipendia voor beeldende kunstenaars wordt met een derde teruggebracht van 75 naar 50 per jaar en de werkbudgetten / basisstipendia met de helft naar 5 miljoen euro per jaar. In plaats van inkomensvoorzienend moeten deze ondernemerschap stimuleren,
- 6 presentatieinstellingen voor Beeldende Kunst i.p.v. de huidige 11,
- 7 orkesten in plaats van de huidige 10, waarvan 4 volwaardige symfonieorkesten in de regio’s Noord, Oost, Zuid en het verzorgingsgebied Rotterdam-Den Haag, 1 internationaal toporkest, 1 begeleidingsorkest voor de opera en 1 kernensemble voor de begeleiding van dans,
- 8 theater en jeugdtheater gezelschappen in kernpunten verspreid over het land.
- 1 grootschalig operagezelschap van internationale statuur en 1 operaproductiekern met beperkte reistaak,
- 4 dansgezelschappen: 2 grote gezelschappen van internationale statuur (1 balletgezelschap en 1 gezelschap voor moderne dans), 1 gezelschap met jeugddanstaak en 1 ander dansgezelschap,
-Eigen inkomstennorm voor podiumkunstinstellingen van 17,5% naar 21,5%. Voor musea geldt 17,5%.
- Geen plaats meer voor productiehuizen in de basisinfrastructuur. Momenteel zijn er 21 opgenomen in de BIS,
- 1 internationaal podiumkunstenbreed festival
- 2 internationale filmfestivals (film en documentaires) en 1 festival voor actueel vernieuwend aanbod van de Nederlandse film,
- Afschaffing vierjarige subsidies bij het Fonds voor de Podiumkunsten,
- 4 sectorinstituten voor film, creatieve industrie (fusie NAi, Premsela stichting en virtueel platform), cultuureducatie / amateurkunst en bibliotheken. Stopzetting subsidie Erfgoed Nederland, Muziek Centrum Nederland en Theater Instituut Nederland.
- 3 bovensectorale instellingen op het gebied van digitalisering, Cultuur en Statistiek en Internationalisering. Geen ruimte meer voor instelling die zich richt op debat en culturele diversiteit.
-5 fondsen in plaats van de huidige zeven. Samenvoegen fonds voor Cultuurparticipatie en Fonds voor de Podiumkunsten met behoud gescheiden budgetten. Fusie Mondriaan Stichting en Fonds BKVB in Mondriaan Fonds. Oprichting Fonds voor de Creatieve Industrie waar het stimuleringsfonds voor Architectuur in wordt opgenomen.

vind ik leuk
tweet
mail link